(Klik op de foto's om het fotoalbum van de maand oktober te openen)
Dinsdag 1 oktober 2013: Puteri Harbour, Maleisië
We gaan
verder waar we gisteren opgehouden zijn. Frans gaat aan de slag met de motor, olie verversen, brandstoffilters verversen, kortom de
motor gereed maken voor vertrek. Regulier onderhoud dus.
Omdat we volgende week weggaan hier uit de marina, moet de airco die we vorig
jaar gekocht hebben ergens een plek krijgen aan boord. Maar ja waar laat je zo´n groot ding. In de achterkajuit hebben we bedacht,
in de hondenkooi. Nou ligt de handenkooi vol met lijnen, met stootwillen, met kussens, met de oude ankerlier, en nog meer troep die
we in de loop van de tijd hebben verzameld. Dus tijd voor een groot opruimactie. En daar ben ik de hele dag zoet mee. Maar let wel.
Aan het eind van de dag staat de airco keurig en wel op geruimd in de achterkajuit.
Donderdag 3 oktober 2013: Puteri Harbour,
Maleisië
Zoals elke donderdag is het ook vandaag boodschappendag. Ik ga naar Bukit Indah, met de shuttle van de marina. De shuttle
zit lekker volg. Er zijn veel zeilers weer aan boord, dus moet er ook boodschappen gedaan worden. Na drie uur boodschappen doen, kom
ik weer afgeladen terug aan boord. Drie tassen vol, en de boodschappen krijgen allemaal een plek in de kasten, in de laden, in de
grote voorraaddozen.
Frans blijft aan boord, op onderzoek naar de fout in de dynamo. Na meten, na testen, is het nog steeds niet duidelijk.
Er moeten een paar telefoontjes gepleegd worden naar de specialisten. Misschien dat dat meer duidelijkheid oplevert.
Om zes uur, is
er een ´feestje´ op de laatste steiger, bij Christine en Russel van de Christine Anne. Een Amerikaanse party, iedereen neemt wat mee
om te eten, en Christine en Russel zorgen voor de BBQ en het vlees. Natuurlijk wel je eigen drankje meenemen. Het is gezellig, en
we wisselen verhalen en ervaringen uit. Al gauw blijkt dat er meer gegadigden zijn voor de overtocht volgend jaar over de Indische
oceaan naar Zuid Afrika. Dus we komen elkaar zeker nog een paar keer tegen.
Vrijdag 4 oktober 2013: Puteri Harbour, Maleisië
Vandaag is het voor mij een poetsdag. De romp van onze lady is al gepoetst, nu is de opbouw aan de beurt. Maar met alle tentzeilen
is het moeilijk om overal bij te komen. Ik haal eerst de helft van de tentzeilen weg. De tentzeil over de kuip laat ik zitten, want
met deze temperaturen hier en de vele uren zon, is schaduw in de kuip een eerste levensbehoefte. Het water uit de slang op de steiger
is warm door de zon. We kunnen niet op het teakdek lopen met onze blote voeten, zo heet.
Al een tijdje hebben we het idee dat
ondanks dat de koelkast gerepareerd is voor onze reis naar Borneo er toch iets niet goed is. De koelkast blijft maar ´draaien´ en
slaat nooit af. Er loopt hier een mannetje rond, sinds een paar dagen proberen we die te pakken te krijgen en vandaag lukt dat. Hij
kijkt naar de koelkast, en constateert dat de compressor olie lekt. Een tegenvaller, en dat kan niet gerepareerd worden aan boord.
Maar kan-ie het repareren voordat we vertrekken volgende week vrijdag? Er komt een onduidelijk antwoord. Maar morgen komt-ie terug.
Om de koelkast te demonteren, de compressor mee te nemen om te repareren en dan later weer te installeren. We gaan er eerst maar eens
een nachtje over slapen.
Omdat het nog niet duidelijk is wat er precies aan de hand is met de dynamo en er altijd wel iets te klussen
is, gaat Frans aan de slag met de generator. We hebben de motor laten reviseren in Nederland en die moet weer ingebouwd worden. Dus
daar kunnen wel een aantal uurtjes aan besteed worden. Geen tijd dus om te vervelen.
Zaterdag 5 oktober 2013: Puteri Harbour,
Maleisië
De experts geven nog geen duidelijk antwoord over de generator. Of we de velddiodes even willen laten testen?! Tja zo
gemakkelijk gaat dat hier niet in Maleisië, we worden zelf maar expert. Frans test de velddiodes, niets mis mee is de constatering.
We sparren met elkaar, het enige dat nieuw is in de dynamo is de koolborstelset. We besluiten dat de oude set weer terug in de dynamo
gaat.
En wat blijkt, na een ochtend sleutelen draait de dynamo weer als een zonnetje. De nieuwe dynamo set is toch iets anders dan
de oude. Maar eens doorgeven aan de experts in Nederland.
In de tussentijd stort ik maar waar eens op de buitenkant van onze lady,
na de sopactie van gisteren is het nu tijd om de romp in de polis het zetten. Hoe zeggen ze dat ook alweer, iets met een keutel, glimmen
en duisternis….
Hier bij de haven wordt druk gebouwd, restaurants, hotels, winkels, overheidsgebouwen, het is lekker druk. Altijd
geluid van een bouwput om ons heen. We hebben hout nodig, voor de bodem van onze bijboot. Laten we eens kijken op de bouwput. Daar
moet vast afvalhout te vinden zijn, dat we nog prima kunnen gebruiken. Al bij onze eerste poging is het raak, een vriendelijke Indiër
helpt mee zoeken, en we krijgen een mooi stuk bekistinghout mee. Daar kunnen we morgen prima mee aan de slag.
Zondag 6 oktober
2013: Puteri Harbour, Maleisië
Zondag plak- en lijmdag, een stootwil wordt gelijmd en de bijboot van de bodem wordt voor de zoveelste
keer gelijmd. Met een zaagmachine en schuurmachine ga ik het bekistinghout te lijf, resultaat twee mooie op maat gemaakt planken,
de lattenbodem voor onze bijboot.
Omdat we vrijdag weg willen moet het onderwater schip schoon gemaakt worden. Als we met de hand
het roer draaien horen we dat de schroef ergens tegenaan tikt. Frans gaat gewapend met hamer en schoffel te water. Het is een paar
keer behoorlijk lucht happen, maar de grote oesters gaan uiteindelijk toch van de schroef. Ook maar eens kijken naar de boegschroef.
Hier zit ook aangroei maar niet zoveel als bij de schroef. Na een uurtje zwemmen en luchthappen heeft Frans het onderwaterschip schoon.
Schoon genoeg om te kunnen varen naar Thailand.
Maandag 7 oktober 2013: Puteri Harbour, Maleisië
Na de dynamo willen we toch ook
wel erg graag de generator weer kunnen gebruiken. In Nederland hebben we de kop van de motor laten reviseren. En nu moet de generator
weer in elkaar gezet worden, dat klinkt altijd gemakkelijk, maar Frans is er dagen en uren zoet mee. In de meest onmogelijk houding
moet alles weer in elkaar gezet worden.
Ik verf de ‘lattenbodem’ voor de bijboot, de bodem zelf wordt op druk gezet en nu maar hopen
dat we alle gaten gedicht hebben. Morgen zullen we het weten.
Dinsdag 8 oktober 2013: Puteri Harbour, Maleisië
Helaas, er zit
nog een gaatje in de bijboot. Opnieuw schuren, ontvetten, en plakken. Morgen zullen we het weer weten.
We maken de boot op orde, ik
sop de binnenkant, de bedden worden verschoond en Frans is met een vertrouwde klus aan de slag gegaan, de generator. We hebben eigenlijk
geen idee waarom er telkens weer water in de motor (van de generator) komt, voor de zekerheid vervangt Frans het waterslot, en de
waterscheider wordt verplaatst naar een lagere plek in de boot. Volgens ons is nu alles gedaan, en we kunnen niets meer bedenken waarom
de generator het niet zo moeten doen. Het is al laat in de middag, we gaan opruimen, het starten van de generator stellen we uit tot
morgen.
Het wordt hoog tijd om te douchen want het is dinsdag avond. En dinsdagavond betekent de avondmarkt in Gelan Patah.
Voor de laatste keer gaan we naar de avondmarkt, want komende vrijdag gaan de trossen los.
Woensdag 9 oktober 2013: Puteri Harbour,
Maleisië
Het uur U! Na een paar keer ontluchten start de generator. Hoera! Na alle uren die Frans eraan besteed heeft, grijnst-ie van
oor tot oor. En nu willen we graag het komende jaar geen omkijken meer hebben naar de generator.
De bodem van de bijboot is lekvrij,
dus de bijboot wordt opgeblazen. Tijd om de route te verkennen naar het noorden. Ik ga eens buurten bij Dick en Anita (een Nederlands
stel van de Kind of Blue, ze varen al jaren over deze aardbol). We krijgen goede tips, en goede ankerplaatsen aangereikt. Waarschijnlijk
gaan we in dagetappes naar het eiland Langkawi. Dit ligt op de grens met Thailand.
Donderdag 10 oktober 2013: Puteri Harbour,
Maleisië
Onze laatste dag hier in de haven, donderdag is boodschappen-doen-dag. Dus vandaag gaan we voor de laatste keer met het marina-busje
naar Bukit Indah. Naar de shopping mall. Helaas heeft de koelkast het echt opgegeven, dus we kunnen niet al te veel verse spullen
meenemen. Met drie volle tassen keren we terug aan boord, de koelbox proppen we helemaal vol, de rest krijgt een plekje in de kasten
en het fruit gaat weer vertrouwd in de hangnetjes die in de boot hangen.
Omdat de komende tijd verschillende yachties vertrekken, hebben
we om zes uur afgesproken bij Olive, een restaurant. We nemen een biertje op elkaars afscheid en gaan gezellig gezamenlijk eten. We
zijn een grote groep, Christine en Russel (Australiërs van de Christine Ann), Gerard en Soizick (een Frans stel), Dick en Anita (van
de Kind of Blue), Ans en Gerjan (Nederlanders van de Spirit), Steve en Josey (Engelsen van de Elysion) en solozeiler John (een Engelsman).
De eerste drie boten hopen we weer tegen te komen tijdens onze oversteek over de Indische Oceaan, Ans en Gerjan zetten hun boot te
koop en de Elysion blijft hier in Aziatische wateren rondvaren, en solozeiler John heeft zijn boot al te koop gezet. Fair winds en
tot gauw!
Vrijdag 11 oktober 2013: Tanjung Piai, afgelegd 13 mijl (pos 01.16.130N 103.32.030E)
We willen pas weg na hoog water,
en het is vanmiddag om drie uur hoog water. Dus we hebben nog alle tijd. ’s Ochtends drinken we een bakkie koffie bij onze buurtjes,
Ans en Gerjan. En daar blijven we lang plakken.
En dan is het de boot klaar maken, de dekzeilen gaan er allemaal af, waterslang opruimen,
bijboot vastzetten, stroomkabel opruimen, we zijn klaar. Start de motor maar! Die loopt als een zonnetje, maar we zijn even vergeten
de gashendel te controleren. Er is corrosie ontstaan, en de gashendel zit vast, als de motor in zijn vrij staat is er geen beweging
meer in te krijgen. Er moet WD-40 aan te pas komen, en geduld. En half uurtje knutselen, en de gashendel loopt weer soepel. Vooruit,
achteruit, stationair, vrij… Ja we kunnen weg. Ondertussen zijn ook Dick en Anita aan komen lopen. Naast hun staan ook Ans en Gerjan,
en Gerard en Soizick op de steiger. We worden uitgezwaaid door zes handen uitgezwaaid. Hopelijk tot gauw ziens.
Het is even wennen
op de rivier. De boot schommelt en deint. De wind waait weer om ons hoofd. Heerlijk. We zetten koers naar de monding van de rivier
aan de straat van Malacca. Daar hebben we een jaar geleden ook gelegen op weg naar Puteri Harbour. Op 9 meter water later we het anker
vallen in de vette modder. We liggen vlak tegen de vaargeul aan, dus het toplicht gaan aan en voor de zekerheid een extra licht in
de kuip. Morgenochtend gaan we vroeg verder.
Zaterdag 12 oktober 2013: Pulau Pisang, afgelegd 22 mijl (pos 01.27.93N 103.16.12E)
Zeven
uur gaat de wekker af. We hebben heerlijk geslapen zo achter ons anker. Doordat we hier op de stroom liggen en niet op de wind, hebben
we de wind de hele nacht achter in de boot gehad. Het waait lekker door en koelt zo heerlijk af.
We volgen de kustlijn van west-Maleisië,
volgende anker plaats is Pulau Pisang (het bananen eiland). We hebben geen banaan gezien, maar ja zijn dan ook niet op het eiland
geweest. We kunnen niet zeilen, jammer. We hebben wind uit het NW en we koersen NW. Er staat een stevige wind, windkracht 4-5. Dus
de hele tijd staat de motor aan. De zee is knobbelig, het is geen ontspannende tocht.
Vlak voor de middag komen we aan bij het eiland.
We komen in de luwte, de zee wordt iets vlakker. We laten ons anker vallen. Rust.
Eens kijken wat de volgende ankerplek is, dat is
70 mijl verderop. Dat gaan we nooit halen in de een dagetappe. Dus we besluiten hier een paar uurtjes te blijven en dan vlak voor
donker het anker op te halen en de nacht door te varen.
Zondag 13 oktober 2013: Pulau Besar, afgelegd 69,3 mijl (pos 02.06.47N
102.20.58E)
In het donker varen gaat prima, ondanks de waarschuwingen goed op te letten voor vissersnetten. We varen vlak langs de
grote vaarroute en daar hebben we minder kans op visnetten. Maar helaas de wind is nog steeds uit het noordwesten, pal op de neus
dus. En het waait stevig. Dan ook soms nog stroom tegen, je raadt het al. De zee is erg ongemakkelijk, knobbelig, en flinke golven.
Af en toe is de snelheid helemaal uit de boot. We kruipen voor ons gevoel vooruit. Over de 70 mijl doen we dan ook 20 uur! We liggen
vlakbij de stad Melakka, met de bus was dat 3 uur rijden, met de boot hebben we er twee dagen over gedaan om hier te komen.
We bekijken
maar eens de weerberichten, voorspelling is SW wind, windkracht 5 en de hele week. Nou daar klopt geen bal van. Het is NW wind, wel
ongeveer windkracht 5 en dat al een paar dagen. Buien en soms onweer. En het ziet er niet naar uit dat het verandert de komende tijd.
Maandag
14 oktober 2013: Port Dickson, afgelegd 46,3 mijl (pos 02.28.51N 101.50.71E)
We staan om 3 uur op, het is nog erg donker. Een kwartier
later gaat het anker op, deze zat goed vast in de vette modder. Voorzichtig gaan we naar open vaarwater, en dan zetten we koers naar
Port Dickson. Ruim 40 mijl verderop. Het weer is niet verandert, dus de motor gaat gewoon weer aan. We zetten een gereefd grootzeil,
en daardoor ligt onze lady toch wat rustiger op de golven. En zo al motorzeilend gaan we verder noordwaarts. Kijken we naar rechts
dan zien we de kust van Malacca. Bomen, voornamelijk palmolie bomen. Af en toe wordt de kustlijn onderbroken door een plaats. Kijken
we naar links dan zien we de grote containerschepen in de shipping lane. Het is hier druk en oppassen geblazen. Wanneer één van de
vrachtschepen, de Singapore River, ons kruist, roepen we haar op. Maar hoe vaak ik ook oproep via de marifoon, ik krijg geen contact.
Soms wordt er gevloten over de marifoon, dan weer hoor ik blub blub blub. Maar een zinnig antwoord krijg ik niet terug. De Singapore
River is op weg naar het ankergebied en vaart heel langzaam, soms lijkt het of-ie stil ligt en dan weer gaat-ie langzaam vooruit.
Het is net of de Singapore River ons express dwars wil zitten, gaan we naar bakboord gaat hij ook naar bakboord, gaan we naar stuurboord
gaat de Singapore River ook naar stuurboord, lijkt de Singapore River te stoppen, draait hij een rondje, uiteindelijk komen we toch
zonder kleerscheuren de Singapore River voorbij. Maar even vragen via de marifoon wat zijn bedoelingen zijn was toch prettiger geweest.
Minachting voor de kleine zeiljachten?
Rond twee uur meren we af in Port Dickson, we liggen weer aan een steiger. Heerlijk rustig, geen schommelingen, geen stroom, alle gemakken zijn bij de hand. Er is hier zelfs een zwembad, en dat gaan we maar eens uitproberen.
Dinsdag
15 oktober 2013: Port Dickson
We blijven een dag liggen in Port Dickson, in de marina. De boot even lekker soppen, en een beetje ontspannen
en zo. Maar al met al hebben we toch een drukke volle dag. Omdat we veel de motor hebben gebruikt is er dus behoorlijk wat diesel
opgeraakt, tijd om te tanken. Volgens ons buurman, Bernardo (een Zweed) van de Albertina, kun je hier zelf diesel halen aan de pomp.
75 liter per dag per persoon voor 2 RM (ongeveer 50 center) per liter. We mogen zijn fiets en jerrycan lenen. Dat gaan we doen, hier
in de haven tanken kost 3 RM per liter. Maar als Frans de eerste keer bij de pomp aankomt blijkt het toch weer anders te zijn. Frans
kan maar 25 liter meenemen, willen we meer dan moet er een speciale ‘toestemmings’brief komen van de overheid. En dat gaat natuurlijk
niet zo snel om die te bemachtigen. Tja de regels hier in Maleisië zijn ondoorgrondelijk.
Maar eens kijken of we op de steiger niet
een mannetje tegenkomen waar iets mee te regelen valt. En ja hoor, dat lukt, we maken een deal 400 liter voor 1000 RM , aan boord
af te leveren. Prima deal vinden we. Als na een paar uurtjes onze ’boy’ terugkomt, is het verhaal weer anders. De diesel was op, hij
moest naar een andere pomp, en heeft 250 liter kunnen bemachtigen. De andere 150 liter wil-ie vanavond na 8 uur brengen. Nou we vinden
250 liter ook genoeg, daar kunnen we voorlopig wel weer mee vooruit. Frans is een tijdje zoet met het overhevelen van de jerrycans
naar onze grote tank, maar dan is het toch echt voor het zwembad. Heerlijk, een verkoelende duik in het lekkere koele water!
Woensdag
16 oktober 2013: Port Klang, afgelegd 46,8 mijl (pos 02.55.19N 101.15.7E)
Drie uur, de wekker gaat af. Het blijft toch wel erg vroeg
vind ik. Maar goed, we willen verder naar het noorden. We maken zo zachtjes mogelijk los van de steiger en verlaten de marina.
Het
is nog aardedonker, we koersen naar buiten, naar de geul. Overal om ons heen zit onweer, felle weerlichten doen de zee oplichten.
Gelukkig zit het onweer redelijk ver weg. Ik ruim alle landvasten en stootwillen op, hoe Frans nog even gezelschap, maar om half vijf
sluiten de ogen. Ik ga nog even lekker slapen. Om half acht wisselen we. Het is nat buiten, de kuip is nat. En het miezert nog. Het
heeft geregend en af en toe kwam er een flinke bui met behoorlijk wat wind over ons heen. Maar we schieten flink op, we hebben stroom
mee, en maken flinke voortgang.
Er is veel te zien om ons heen, overal scheepvaart, grote containerschepen, maar ook kleine vissersboten.
Regelmatig komen we visnetten tegen. Oppassen dat we geen visnet in onze schroef krijgen. En zo keutelen we voort.
Om twaalf uur zijn
we bij Port Klang, een grote containerhaven, ongeveer 20 km van Kuala Lumpur verwijderd. Rondom is veel mangrove, en in de slenken
tussen de mangrove bossen vinden we een heerlijke beschutte ankerplek.
Donderdag 17 oktober 2013: Pangkor, afgelegd 98,4 mijl
(pos 04.12.59N 100.33.16E)
We hebben een heerlijke rustige nacht gehad hier in de mangrove bossen. Lekker beschut, op de achtergrond
hoor je af en toe geluiden van de container haven. We zitten ’s ochtends lekker in de kuip, het is laag water, en ik kijk over de
mangrove bossen. Op het strand scharrelt iets, eens de verrekijker erbij pakken. En ja hoor, kleine apen zien we op het strand hun
kostje bij elkaar scharrelen. Het lijken makaken. Af en toe scheert er een visarend boven de stranden.
In de loop van de middag maken
we ons klaar om te vertrekken. We eten tussen de middag warm, dan hoef ik niet te koken tijdens het varen, lekker gemakkelijk. Half
vier, de motor gaat aan en het anker gaat op. We hebben een kleine 100 mijl voor de boeg naar het eiland Pangkor. De eerste 20 mijl
varen we door de mangrove en de haven van Kelang. Het is hier lekker druk met scheepvaart. Genoeg dus om te zien. En dan gaan we weer
het grotere water op. We varen voor de kust van West-Maleisië. De kleinere vissersboten zijn vervangen door trawlers met grotere sleepnetten.
Het is lekker druk met scheepvaart. Af en toe moeten we uitwijken.
Helaas is de wind weer pal op de neus, konden we in het begin nog
zeilen met de kluiver nu is het helemaal op. De motor snort weer als vanouds en het gereefd grootzeil staat bij. De maan schijnt,
af en toe komt de maan te voorschijn tussen de wolken door, om ons heen zien we soms onweerslichten. En zo varen we de nacht door.
Vrijdag
18 oktober 2013: Pangkor
Om tien uur varen we de baai van Pangkor binnen, en laten ons anker vallen voor het plaatsje Pasir Bogak.
Pangkor betekent paradijs. En dat gaan wij eens ontdekken. Natuurlijk zijn wij niet de eerste Nederlanders, die waren hier al in de
17de eeuw. De Nederlanders voeren strijd om de controle over de straat van Melakka te verkrijgen. Monopolie over tin, goud en kruiden
als het doel. In 1670 werd er een fort gebouwd, in 1743 werd deze herbouwd en in 1748 verlieten de Nederlanders hier het gebied. De
strijd met de lokale sultan en de Engelsen werd uiteindelijk verloren.
Morgen gaan wij dit mooie eiland eens verkennen op de scooter.
Zaterdag
19 oktober 2013: Pangkor
Pangkor is groen en heuvelachtig. Met prachtige baaien. De kustlijn van Pangkor staat
vol met dorpen en heel veel resorts en andere hotels. Kortom gericht dus op het
toerisme. Overal kun je scooter huren, en dagtochten op zee maken. Het ‘binnenland’
van Pangkor is nog ongerept, ondoordringbare jungle. Nou die laten we maar voor wat
het is. We roeien naar de kant en wandelen naar Pasir Bogak, en duur huren we eens
scooter. Het eiland is niet zo groot, 7 km bij 4 km, dus dat kunnen we gemakkelijk in
een paar uurtjes berijden. Van Pasir Bogak gaat het naar Pangkor Town, hier kun je
de veerboot nemen naar het vasteland. Even ten zuiden van Pasir Bogak ligt Kota
Belanda, of wat er nog over is van het Nederlandse fort. Met daarnaast Batu Bersurat,
een grote steen waarin het embleem van de VOC is gekerfd. We zetten koers naar
het noorden, onderweg stoppen we bij een scheepswerf. Hier worden de lokale
vissersboten gebouwd. Dan gaat het via een slingerpad om hoog over de 371 m hoge
bukit (betekent berg) Pangkor om aan de oostkant weer terecht te komen. Eén van de
baaien is hier tot privé gebied verklaard door Pangkor Beach resort. Ben je geen gast
dan heb je geen toegang tot deze baai!
De wind neemt toe en er ontstaan donkere wolken aan het zwerk. Het is tijd om onze boot weer
op te zoeken. We leveren de scooter weer in, wandelen naar onze dinghy en slepen deze in het water. We moeten terug roeien naar de
boot, en dat vind ik nog een hele klus, met deze wind en golven.
Als we aan boord zijn hijsen we de dinghy op en dan begint de regen.
En het blijft stortregenen de rest van de dag en de hele nacht.
Zondag 20 oktober 2013: Pangkor
Om half vier gaat het anker op,
het is bewolkt maar droog. En de bewolking is niet erg dreigend. We hebben nog even geprobeerd een weerbericht op te halen via de
kortegolfzender, maar de weerberichten zijn heer redelijk niets zeggend. We gaan dus maar.
Als we eenmaal buiten de beschutting van
de baai zijn, valt het toch behoorlijk tegen met het weer. De wind staat, als vertrouwd, pal de op neus. Maar is ook nog hard, windkracht
5. We motor sailen. Motor staat aan, gereefd grootzeil en de fok en zo laveren we tegen de wind in. Maar erg snel gaat het niet, in
4 uur tijd schieten we slechts 13 mijl op de in de goede richting. Dus gaat niet snel dus.
We besluiten om de fok weg te draaien,
dan alleen maar op gereefd grootzeil en motor. Kunnen we een iets betere en directe koers varen.
Het is een vermoeiende tocht. Middernacht
wordt het echt slecht. Behoorlijke buien trekken over ons, het stortregent en we zien niets. Gelukkig biedt de radar uitkomst. En
zo ploeteren we de nacht door.
Maandag 21 oktober 2013 Pulau Jerajak, afgelegd 95 mijl (pos 05.18.79N 100.18.19E)
Tegen de ochtend
komen we in de buurt van het eiland Penang. Gelukkig meer beschutting, de golven nemen af. Maar vlak voordat we bij het eiland zijn
krijgen we nog even weer een stevige tropische bui over ons heen, de wind neemt toe tot kracht 7.
We denken er nog even over door
te varen naar de marina, op het noorden van het eiland. Maar dat zien we niet zitten met dit slechtte weer. Bij Pulau Jerajak vinden
we een beschutte ankerplek tot het grote eiland Penang en dit kleinere eiland. De zee is vlak, en het is niet al te diep. Een prima
plek dus, het anker uit, en de rust keert terug in onze wereld!
Dinsdag 22 oktober 2013: Pulau Jerajak
We liggen ver van Georgetown
en we moeten naar Georgetown want daar is het Thaise consulaat. We hebben een visum nodig voor Thailand. Nou er zal toch wel iets
van een bus gaan? Dus we peddelen naar de kant, lopen richting het winkelcentrum in de hoop daar een bus op te pikken. Het is nog
een verre wandeling, onderweg komen we een taxi tegen. We kiezen voor het gemak en laten ons op de achterbank zakken. Heerlijjk de airco is aan, het lekker koel in de taxi. Na een rit van een half uur, ongeveer 25 km, worden we voor het consulaat afgezet. We vullen
de formulieren in, leveren ons paspoort in en betalen. ’s Middags kunnen we ons paspoort met visum weer ophalen, maar we vertellen
dat we morgen weer terugkomen.
Dit keer nemen we de bus terug naar de onze boot. We gokken erop dat we redelijk dichtbij onze ankerplek
kunnen uitstappen. Dus we blijven zittten, en zitten….. en vragen nog meer eens aan de buschauffeur. We zijn te ver. Uitstappen dus.
We lopen weer…..maar gelukkig ook dit keer kunnen we een taxi aanhouden. Na wat gezoek zet hij ons bijna voor de deur af.
Pulau Jerajak
is een prima ankerplek, maar toch wel erg ver van Georgetown, dus we besluiten om morgen maar de ankerplek voor Georgetown op te zoeken.
Woensdag
23 oktober 2013: Georgetown, afgelegd 9,1 mijl (pos 05,24,61N 100.20.60E)
Half acht, motor aan en anker op. We varen naar Georgetown.
De pilot gids is niet zo enthousiast over de ankerplek bij Georgetown, het stroomt er behoorlijk en je hebt veel last van de continu
varende veerboten. We zijn eigenwijs, we gaan het toch proberen.
Na twee uur komen we aan, er ligt nog een zeilboot. Onbekenden voor
ons. Het stroomt inderdaad hard, 2-3 knopen, het anker graaft zich direct in in de vette klei. En ja we liggen vlak naast de veerboot
terminal, elke 10-15 minuten meert er een veerboot af. Maar toch liggen we hier prima, direct voor de stad. We blijven hier liggen.
’s
Middags gaan we weer naar de kant. We liggen voor customs, en zijn hebben een drijvende steiger. “Of we even van de steiger gebruik
mogen maken om onze bijboot aan te leggen?” vraag ik heel vriendelijk. Waarschijnlijk niet vriendelijk genoeg, het mag niet. Jammer,
dan stappen we maar even verderop uit aan de betonnen kade. We zetten koers naar het Thaise consulaat. Het is even uitzoeken, maar
uiteindelijk hebben we de juiste bus. Half vier melden we ons bij het consulaat, en even later krijgen we ons paspoort en visum terug.
Ziezo Thailand, wij zijn er gereed voor.
Donderdag 24 oktober 2013: Georgetown
We blijven nog een dagje liggen. Het ligt hier
heerlijk, we liggen voor Georgetown, de oude Chinese wijk, met steigers, tempels en alles wat bij de Chinese wereld hoort ligt
aan onze voeten. Gisteravond kregen we vuurwerk voorgeschoteld. Kortom er is van alles te zien, we vermaken ons prima.
Vrijdag
25 oktober 2013: Georgetown
Georgetown blijft trekken, dus we plakken er nog een dag aan vast. En het geeft ons de tijd om te rommelen
en te klussen aan boord. Ik stort me al een paar dagen op onze zonnetent. Na zoveel jaren in de zon is het garen helemaal op. De naden
raken los, dus met de hand wordt de kopse kanten weer genaaid. Het is een hele klus, en elke dag doe ik een stuk.
En Frans start zich
op de motor, al langere tijd lekken er twee verstuivers, er moeten ringen vervangen worden. Het materiaal hebben we aan boord, dus
dat klusje wordt vandaag opgepakt. Het klinkt allemaal als ‘eventjes doen’ maar je bent toch gauw een paar uurtjes zoet.
Tegen de avond
tuffen we naar de kant, we gaan ergens een hapje eten en even onze mail binnen halen. Uiteindelijk komen we terecht in een lawaaierige
bar (zeg maar disco), je kunt elkaar nauwelijks verstaan, maar het voldoet om de mail binnen te halen. We kijken wel ergens anders
om te eten. We slenteren door Little Indiah, Georgetown is erg multicultureel. En dat maakt het zo leuk. De Indiërs zijn bij elkaar
gekropen in Little India, de Chinezen zitten in Chinatown, dan heb je nog de moslims, de christenen, de Maleisiërs, en alles leeft
hier gemoedelijk samen in Georgetown. Maar deze dagen is het feest bij de Indiërs, Deepavali. Het feest van de lichtjes. Een van de
vele Hindoe goden heeft de demon verslagen dat is Deepavali vertelt een Indiër ons. Deepavali valt dit jaar op 2 november, maar in
de dagen ervoor zijn ze al druk bezig met zang en dans. En beetje onze dagen voor kerstmis zeg maar. Het is gezellig druk in Little
India, veel muziek, veel glitter, en bij de eetstalletjes langs de straat kopen we iets om te knabbelen.
Zaterdag 26 oktober
2013: Langkawi, afgelegd 63,9 mijl (pos 06.19.02N 099.50.62E)
Het besluit is gevallen. We gaan weg vandaag, op naar Langkawi. Omdat
dat toch weer ruim 60 mijl verderop ligt, gaat de wekker om drie uur ’s ochtends.
Even later ratelt de ankerlier, het anker gaat op,
Frans staat bij de lier en ik leg de ketting goed in de ankerkluis. Dan gaat de motor in de vooruit, en in het donker verlaten
we zachtjes Georgetown.
Het is een mooie dag, de zee is kalm er staan niet te veel golven, helaas is er ook niet of nauwelijks wind.
Dus we kunnen niet zeilen, de motor tuft en zo gaan we naar Langkawi. Langkawi is eigenlijk een eilanden groep van 99 eilandjes en
ligt op de grens tussen Maleisië en Thailand. Het wordt ons laatste stop in Maleisië.
In het begin van de middag varen we in de ruime
baai bij Kuah, de hoofdstad op het eiland Langkawi. Even lijkt het er nog op dat er weinig zeilboten zijn, maar als we dichterbij
komen zien we de zeilboten liggen. Het is er druk, met zeilboten, een stuk of 50 liggen er achter hun anker schatten we in. Gelukkig
is de baai erg ruim, dus we vinden een eigen stekkie. Het anker graaft zich in in de modder. Hier blijven we een paar dagen liggen.